Sportcomplex De Meent: van grootste verbruiker naar volledig all-electric

Sportcomplex De Meent: van grootste verbruiker naar volledig all-electric

Sportcomplex De Meent in Alkmaar was ooit de grootste energieverbruiker van de gemeente. Een omni-sportgebouw met een 400 meter ijsbaan, meer dan een miljoen bezoekers per jaar, en een enorme warmtevraag die volledig op gas werd opgewekt. In 2025 verbruikte De Meent geen kuub gas meer.

Op de CALorie vrijwilligersdag van 15 mei kregen we een rondleiding en presentatie over hoe dat is gelukt, en waarom dit verhaal ook voor Castricum relevant is.

Van gas naar all-electric

De verduurzaming van De Meent was onderdeel van het Europese POCITYF-project, een Smart City-programma gericht op het energiepositief maken van historische steden. Alkmaar was één van de zeven deelnemende steden.

De aanpak was tweeledig: elektrisch én thermisch.

Elektrisch werd er fors geïnvesteerd in opwek en opslag. Op het terrein staan nu meer dan 3.100 zonnepanelen (350-410 kWp), een zonne-carport met laadpalen, en een batterij van 366 kWh. Een smart grid stuurt het geheel aan, zodat opgewekte energie lokaal wordt gebruikt in plaats van teruggeleverd aan het net.

Thermisch was de slimste stap: de restwarmte van de ijsmachines, die normaal gewoon de lucht in ging, wordt nu benut. Een ijsbaan heeft koeling nodig om het ijs te maken, en die koeling produceert warmte als bijproduct. Via cascade warmtepompen, een WKO-systeem (warmte-koude opslag in de bodem) en 25 kubieke meter aan buffervaten voorziet De Meent zichzelf nu van warmte voor verwarming, tapwater en het reinigen van het ijs.

Wat heeft het gekost — en wat levert het op?

De totale investering bedroeg €3.600.000. Dat is een fors bedrag, maar de terugverdientijd wordt geschat op 10 jaar — mede dankzij Europese, nationale en regionale subsidies die een deel van de kosten dekten. De batterij in combinatie met de zonnepanelen heeft zelfs een terugverdientijd van 8 jaar.

In het eerste jaar na oplevering leverde de verduurzaming €450.000 aan besparing op. Dat bestaat uit:

  • Gasbesparing: het volledige gasverbruik van 230.000 m³ is weggevallen. Tegen het tarief van 2025 (€1,60 per m³) zou dat €368.966 per jaar hebben gekost.
  • Elektrareductie: het netto elektraverbruik daalde licht, van 2.295.665 kWh naar 2.229.583 kWh — een besparing van €22.068. Tegelijk verviervoudigde de teruglevering van zonnepanelen.
  • Verwachte extra winst: door optimalisatie van processen wordt nog eens 25% extra besparing op elektra verwacht.
  • Onderhoudskosten: die bedragen nu €100.000 per jaar — een overzichtelijk bedrag voor een complex van deze omvang.

De cijfers

2018 2025
Gasverbruik 230.000 m³ 0 m³
Gaskosten (tarief 2025) €368.966 €0
Elektraverbruik (netto) 2.295.665 kWh 2.229.583 kWh
Elektrakosten €603.989 €581.921
Teruglevering zonnepanelen 51.775 kWh 265.477 kWh
Totale energiekosten €972.955 €581.921

Het gasverbruik van 230.000 m³ stond gelijk aan het verbruik van ongeveer 185 huishoudens. Die kosten zijn volledig weggevallen. Het elektraverbruik steeg nauwelijks: slechts 0,5% meer, terwijl de teruglevering van zonnepanelen meer dan verviervoudigde.

De terugverdientijd van het totale systeem wordt geschat op 10 jaar. En misschien wel het belangrijkste resultaat: het toegangskaartje voor de ijsbaan bleef betaalbaar. Verduurzaming hoeft niet ten koste te gaan van de gebruiker, mits de businesscase klopt.

Restwarmte als kans voor de wijk

De Meent produceert zoveel restwarmte dat er overcapaciteit is. De warmte is beschikbaar op ongeveer 68°C, met een piek van 350 kW. Die capaciteit is groot genoeg om ook aanpalende gebouwen en een bredere wijk van duurzame warmte en koude te voorzien.

Daarbij werd iets gezegd dat blijft hangen: een WKO-systeem is alleen echt effectief als je het groots aanpakt. De investering in infrastructuur, de boring, de installatie, dat verdient zich pas terug als er voldoende afnemers zijn. De Meent kon dat realiseren omdat het complex groot genoeg is en de restwarmte van de ijsbaan structureel beschikbaar is.

Waarom dit nu relevant is voor Castricum

Castricum werkt aan plannen voor een nieuw zwembad op Sportpark Noord-End. Het is een dossier dat al jaren loopt en waarbij de kosten inmiddels zijn opgelopen tot ruim €14 miljoen. Als de gemeenteraad akkoord gaat met het Definitief Ontwerp, kan de bouw starten in het tweede kwartaal van 2027, met een beoogde oplevering een jaar later.

Die besluitvorming is nog gaande. En dat is precies waarom dit het juiste moment is om de vraag te stellen: wordt duurzaamheid een integraal onderdeel van het ontwerp, of een optie die later alsnog te duur blijkt?

Een zwembad heeft, net als een ijsbaan, een grote en constante warmtevraag en produceert tegelijkertijd restwarmte via filtratie en koeling. Als je op het moment van bouwen ook nadenkt over een WKO-systeem en de mogelijkheid om omliggende gebouwen of woningen mee te voeden, kun je iets neerzetten dat niet alleen voor het complex zelf werkt, maar voor de hele wijk.

De Meent laat zien dat het kan, en dat het loont. De vraag voor Castricum is of die kans wordt gegrepen voordat de keuzes vaststaan.

Succesfactoren

Wat maakte het bij De Meent mogelijk? Visie, lef, expertise en goede samenwerking, en het benutten van Europese, nationale en regionale subsidiemogelijkheden. En soms, zoals ze zelf zeiden: gewoon doen.